Windroos
Een windroos is een kruis dat de windrichtingen (noord, oost, zuid en west) aanduidt.
Oorspronkelijk werd een cirkel in vieren, achten, zestienen, 32'n gedeeld waarbij de richting volgens
een vast systeem werd aangeduid:
tussen noord en oost kwam noordoost,
tussen noord en noordoost noord-noordoost,
tussen noord en noordnoordoost noordnoordoost ten noorden,
tussen noord en noordnoordoost ten noorden kwam noordnoordoost ten noorden noord, etc.
Op dit punt is de kompasroos in 64 delen verdeeld en voldeed daarmee aan de toenmalige behoefte om de koers te bepalen.
Het kompas is dus een navigatie-instrument om de richting ten opzichte van het noorden te bepalen.
Het traditionele magnetische kompas bestaat uit een vrij opgehangen magneet,
die zich onder invloed van het aardmagnetisch veld in een bepaalde richting opstelt,
waardoor het mogelijk wordt om het magnetische noorden aan te wijzen.
Een kompas wijst altijd naar het magnetische noorden, dit komt niet overal op aarde overeen met het geografische noorden.
De lokale afwijking, magnetische variatie genoemd moet verrekend worden bij het uitzetten van een richting.
De grootte en richting van de variatie staat altijd vermeld op zeekaarten en in almanakken.
De variatie verandert over het algemeen slechts langzaam, zodat verrekenen goed mogelijk is.




